De tuin opdelen in kleine ruimtes met struiken en planten

Landschapsillustratie

Een tuin die in één keer helemaal overzien kan worden, voelt soms kleiner aan dan een tuin waar telkens net iets verscholen blijft. Door de ruimte op te delen in kleinere stukken met struiken en planten, ontstaat het gevoel van meerdere plekjes in plaats van één enkele, open vlakte.

Elke ruimte krijgt een eigen functie

Een indeling werkt het best wanneer elk deel van de tuin een duidelijk eigen doel krijgt, zoals een zitplek, een moestuinhoekje of een rustige plek voor de kinderen. Zodra elk gedeelte zijn eigen functie heeft, voelt de opdeling logisch aan in plaats van willekeurig.

Struiken van verschillende hoogtes werken vaak beter als afscheiding dan één enkele rij van dezelfde plant. Een lagere struik vooraan en een hogere erachter geven diepte aan de scheiding, zonder dat het meteen aanvoelt als een dichte muur tussen de verschillende delen van de tuin.

Een smal pad tussen twee delen van de tuin versterkt het gevoel van aparte ruimtes nog meer, zelfs als het maar over een korte afstand loopt. Het simpele gegeven dat je van het ene naar het andere deel moet wandelen, maakt beide plekken net iets bijzonderder.

Het is niet nodig om de tuin helemaal in één keer op te delen. Door elk jaar één nieuwe afscheiding of overgang toe te voegen, groeit de tuin geleidelijk uit tot een geheel van kleinere ruimtes, zonder dat het ooit als een grote, dure verbouwing aanvoelt.

Zo wordt een gewone tuin langzaam een plek met verschillende sferen, waar telkens een andere hoek uitnodigt om even te blijven hangen.

Bij het kiezen van de plantensoorten voor elke afscheiding loont het om rekening te houden met hoeveel onderhoud je er echt voor over hebt. Een snelgroeiende struik geeft sneller resultaat, maar vraagt ook vaker een snoeibeurt, terwijl een tragere soort meer geduld vergt voordat de scheiding echt dicht aanvoelt.